Woensdag 25 juli 2018

Plassen? Gewoon snachts in je bidon dan hoef je ook niet uit je tent. En zeker na een koude nacht. Om half 7 opgestaan en alles in orde gemaakt. Dat is al een heel ritueel en wie schreef er niet in een artikel in de NRC dat een wandel-fiets- vakantie griezelig veel op werken lijkt..

De avond ervoor hebben andere fietsers mijn San Bernardino plan uit het hoofd gepraat omdat ze tijdens hun overtocht veel last hadden van vrachtverkeer en campers etc. Ik moet dat toch met een korreltje zout nemen. Daarom kies ik voor deze pas en niet de Spluegen pas, omdat-ie minder steil is en meer geleidelijk naar ook rond de 2100 meter stijgt. Inderdaad rij ik op vals plat nog een 20 tal kilometers door vana Spluegen, waarbij ik veel militairen zie die oefenen met jeeps loodrecht tegen een bergwand oprijden, en het opblazen van rotsblokken. Dat galmt trouwens lekker door tussen de bergen. Het is behoorlijk fris, en net te doen in je Decathlon fiets-shirt. Onderaan de pas begint het te klimmen in serpentines en ik ben dan erg benieuwd naar hoe zwaar het zal zijn.

Zoals Geert had uitgevogeld en zoals je op de hoogtekaarten ziet, is deze hindernis minder steil dan verwacht. Ik probeer telkens een vaste kadans te pakken, en natuurlijk heb je telkens een moment van “waar doe ik dit eigenlijk allemaal voor”. Met telkens even een stop om de 200 meter stijging kom ik boven de boomgrens uit, en in 2 uur tijd bereik ik de pas. Telkens als je weer start kom je tot een bepaald soort verzuringsmoment, waarbij je dan even loslaat, waarna je daarna weer veel spierspanning kunt tolereren. Het is dan ook meer een conditie beperking en hartslag stijging, dan een spierbloakkade, die je doet stoppen. Veel foto-momenten bij het bord met de hoogte van de pas, en ik moet echt de windstopper aandoen.

Naar beneden is zoals verwacht voor alle ledematen gemakkelijk behalve voor mijn vingers. Continu hard doorknijpen bij de bochten, en goed uitkijken voor kuilen. Maar het verkeer is echt minimaal en totaal geen probleem. De route besluit op een gegeven moment niet meer de standaard grote weg te volgen met de afdaling, maar ook kleine slingerpaden, die telkens onder de B-weg duiken. Snel stijgt de temperatuur van rond de 11 graden naar boven de 30 graden, en de tegenwind in het dal neemt ook toe. Bellinzona is dan toch iets verder weg dan gedacht, en de hitte, toenemend autoverkeer en tegenwind zorgt voor vertraging. Volgens de ACSI site is er een camping tussen Bellinzona en Locarno, en daar ga ik voor. Dit blijkt een simpele camping met een zwembad en dus veel jong spul met veel herrie. Geen enkel probleem, alleen maar levendig. Ik bestel een pizza, en ga vroeg op stok. Samenvattend was deze etappe wel vermoeiend en lang, maar niet zo giftig als van Chur naar Spluegen. Het stijgingspercentage naar de San Bernardino is over het algemeen hetzelfde, en ligt rond de 5-8 procent, als ik de ervaringsdeskundigen mag geloven. Aan de Italiaanse kant is de route veel steiler en als je vanaf Bellinzona komt ben je wel even strak bezig.

Naar donderdag 26 juli

1 dag terug