Maandag 23 juli 2018

Dat is een luxe dat het ontbijt klaarstaat. Ha, dat zouden campings ook eens bij mijn tent moeten doen. Het weer is bewolkt en het miezert. Nooit gedacht dat ik daar naar zou verlangen. Bernd en Karin zijn alweer aan het werk maar Karin blijft toch nog even kletsen (het bedrijf staat 5 meter verder dus die zijn totaal verweven met hun werk). Pas nu blijkt dat Bernd helemaal geen fiets meer heeft dus dat fietsrondje Bodensee houden we elkaar nog te goed. Veel te laat vertrek ik richting de zuidkant van het grote meer.

Veel dure huizen en Romanshorn is een best gezellig stadje om doorheen te crossen. Na een tijdje verlaat het pad het meer, en de dreigende regen is ook weer weg. En, totaal onverwachts, kom je Hundertwasser tegen in een klein stadje. Wat was het toch een heerlijk maffe gast. We hebben meer van dit soort lunatics nodig.

Nu volgt er een afwisselend stuk maar dat is zeker niet altijd even positief. Ook heb ik niet voor het eerst moeite met sommige keuzes die Benjaminse heeft gemaakt: soms laat hij me over beroerde rechte kiezelsteenpaden fietsen terwijl de parallel liggend dorpjes minstens zo leuk zijn. De Zwitsers zijn wel veel geduldiger met fietsers dus je kunt best door die dorpjes peddelen. In een keer kom ik bij de Oostenrijkse grens en fiets ik direct naar een kleine buurtsuper om gezonde spullen in de slaan.

En dus normale prijzen. Het kartonnen bakje past precies achterop het rekje en daar fiets ik een flink aantal dagen nog mee totdat hij het begeeft. Vervolgens flits ik Liechtenstein in en Iris zou haar ogen daar uitkijken met al die patserbakjes. Eigenlijk niet eerlijk. De gemiddelde Zwitser heeft wel aandacht aan zijn wagentje en zeker ook aan zijn velgen. Alle auto’s klinken pittiger dan die van ons (je wil niet stil komen te staan halverwege een steile berg). Vaduz, de hoofdstad van dit groothertogdom, is ook wel leuk, maar ik kende het al via een eerdere vakantie. De Rijn, die we kennen als een brede rivier, loopt nog steeds naast me mee, maar is wel een stukje slanker. Ik kom op een soort dam terecht naast de Rijn en vanwege wind mee word ik een soort zeilboot op wielen en dan gaat het hard. Veel sportievelingen op de weg, en ik vraag me af wanneer ik nou eindelijk moet gaan klimmen. Ik vergeet dat de 250 meter stijging ik al ongemerkt te pakken heb. Dan kom ik Chur binnen en cirkel even lekker door de binnenstad en door wat gezellige straatjes.

Na een tijdje zoek de camping op. Dat blijkt een mengelmoesje te zijn van Dauergaeste en trekkers. Wel een prima canping, alleen een paar Nederlandse motorrijders waarmee ik aan de klets raak. Deze camping ligt pal aan de snelweg dus ik doe maar net alsof het een waterval is…

Naar dinsdag 24 juli

1 dag terug